dinsdag 23 november 2010

dinsdag 9 november 2010

kleur



Nee, ze vallen niet uit mekaar, ze krijgen kleur.
Alsook de B&B.
De muur van het terras weerspiegelt nu de rode aarde van Afrika.
En de Zweedse Sophie en Asa, die hier voor langere tijd verblijven, fleurden deze morgen het geheel nog eens op.

Trouwens... Sophie en Asa doen onderzoek voor hun thesis (de huidige term ontsnapt me) naar vrouwen wiens mannen emigreren om werk te zoeken. Het veldonderzoek gebeurt in Kayes en Sikasso, maar voor, tussen en na zijn ze in Bamako.
Ze zijn nu net terug uit Kayes en wat is een eerste conclusie: vrouwen zijn over het algemeen tevreden met het feit dat hun man naar verre oorden trekt om er te werken. Er is vooreerst het economisch voordeel, er wordt regelmatig geld opgestuurd. De Zweedse onderzoeksters vertelden dat er jaloezie bestaat bij de vrouwen wiens echtgenoten in het dorp bleven.
Weinigen praten over het gemis. Sowieso wordt er niet makkelijk over gevoelens gepraat maar volgens mij is er gewoon weinig nostalgie om verschillende redenen: de meeste huwelijken hier zijn ‘gearrangeerd’ dus het is zelden de liefde van hun leven die mijlenver weg woont, zij wonen op de familiale cour van de man waar ook zijn broers met hun vrouwen en kinderen wonen dus staan er niet helemaal alleen voor, en, laat het me toch schrijven, zeker in deze maatschappij waar de rollen van man en vrouw nog sterk traditioneel bepaald zijn, ze krijgen middelen toegestuurd en zijn verder op hun gemak …

vrijdag 22 oktober 2010

things fall apart

In mijn geval enigszins letterlijk te nemen.
Maar daar gaat dit niet over. Ik heb een prachtig boek gelezen met deze titel. Geschreven door Chinua Achebe, een gevierd Nigeriaans verteller.
Het boek neemt je mee naar een Ibo-dorp, midden in de brousse net voor en bij het begin van de veroveringstocht van zwarte zieltjes door de blanke missionaris-man. Het verbaasde me hier trouwens dat deze nog steeds bestaan. Ik ontmoette bijbelvertalers en echte missionarissen die van mening zijn dat het beter (praktischer?) is een dorp in zijn geheel te bekeren dan individu per individu. Ja, nu nog!

Ik hou van deze boeken over Afrika, ik ontdek nieuwe nuances maar lees ook over wat herkenbaar is of wat ik soms vergeet. In het verhaal wordt beschreven hoe de ene man met zijn gevolg op bezoek gaat bij een andere om één en ander te bespreken. Eerst worden de kolanoten gekraakt en de palmwijn gedronken – meegebracht door de gast of aangeboden door de gastheer ten teken van respect – terwijl het over koetjes en kalfjes gaat en pas hierna wordt het eigenlijke onderwerp dat de oorzaak is voor het bezoek aangekaart.

Vorig jaar in Senegal zag ik hoe palmwijn wordt afgetapt van de palmboom. De plaats van palmwijn wordt hier ingenomen door tsjapalo of gierstebier. Wanneer het vers gemaakt is, is het best lekker. Het doet me denken aan ‘Lambik’ waar ik van proefde in mijn kinderjaren. Ik kan me voorstellen dat gierstebier hier dezelfde functie had als palmwijn in Nigeria tig jaar geleden, maar de islam heeft ervoor gezorgd dat men het bier vandaag drinkt in bars en christelijke dorpen. Noem het een verdienste of niet, maar de missionaris en waar hij voor staat zitten er voor iets tussen.

Herkenbaar is dat vele acties ondernomen worden met een gevolg. Een maatje, een vriendin, een nicht, een nonkel vergezellen bij bezoeken en uitstappen allerhande. De uitgebreide begroetingen en koetjes en kalfjes horen bij de aanvang van elke ontmoeting.
‘Goede morgen.’
‘Goede morgen.’
‘Heb je de nacht goed doorgebracht?’
‘In vrede.’
‘Hoe gaat het met de mensen van je huis?’
‘Er zijn geen problemen.’
‘Hoe gaat het met je vrouw?’
‘Er is geen kwaad.’
‘En je kinderen?’
‘Zij verkeren in goede gezondheid.’
‘En je dieren?’...
En als dit in alle rust en wederzijds is afgehandeld kan men pas zeggen: ‘Mijn vriend, ik heb zware problemen, mijn stal is ingestort, mijn zoon is ziek en mijn grootmoeder ligt op sterven.’

En dat vergeet ik wanneer ongeduld me overmeestert. Het gebeurt dat ik kortaf ‘dag’ zeg, de hele rametam achterwege laat en me kwaad maak omdat de chauffeur te laat is en de reizigers wachten, omdat de meubelmaker zegt dat hij onmiddellijk langskomt en dat na 2 weken nog niet heeft gedaan, omdat iemand geld leende en dat ruim na de afgesproken datum nog niet terugbetaalde …
Bij het lezen van het boek dacht ik aan het onmetelijke Afrikaanse geduld en mijn sporadisch verlies van zelfbeheersing en besefte dat het eerstgenoemde een grote kracht is.


Foto by N’Yélé: vorige zondag, het leven in een Bambara-dorp - een kleine greep uit het neven en nichten arsenaal.

woensdag 13 oktober 2010

het Afrikaanse pad


Toeristen worden ontraden om naar het noorden van Mali te reizen.
Amerikanen kregen een negatief reisadvies betreffende Europa.
Een bevriende Toeareg voegde toe dat de Fransen moeten gaan uitkijken in Frankrijk!

Stevenen we af op een wereldwijde psychose met dank aan Sarkozy en zijn confrères enerzijds en Ben Laden en de zijnen anderzijds? Er heerst namelijk een plaag in Mali en de omliggende Sahel-landen en die plaag heet AQMI, wat zoveel betekent als Al Qaida in de Magreb. Zij kidnappen zo af en toe één of meerdere Fransen en zorgen voor wat nodig is om van het Malinese toerisme in volle ontwikkeling een zinkend schip te maken.

Niet zelden krijg ik de vraag van klanten: is het veilig om naar jullie land te reizen?
Ik denk het wel ja. Eigenlijk is er niets veranderd aan de toestand langs de toeristische route in Mali. Er is bij mijn weten ook nog nooit iets gebeurd op of langs deze plaatsen. Onze contacten ter plaatse blijven steevast bevestigen dat alles in orde is, geen probleem om te reizen. Op welke reisbestemming heerst er 100% zekerheid, als dat ooit al bestaan heeft? Niet dus.

De Malinese toeristische sector is in paniek. Dit gebeuren is een ramp voor de hotels in Timboektoe, dat toch veel minder bezocht wordt, of voor de reisbureaus die voornamelijk met Franse klanten werken, een gevolg van het doembeeld dat in Frankrijk over Mali wordt verkondigd. Strijdlustige en energievolle plaatselijke collega’s blijven niet bij de pakken zitten en voeren actie om met name de regering te mobiliseren om ‘iets’ aan deze problematische situatie te doen. Tussen haakjes: wat kan je doen? Hoe ga je die onmetelijke woestijn gaan controleren? Hoe ga je het armoede-probleem bestrijden dat ervoor zorgt dat jongeren zonder middelen noch degelijk toekomstperspectief in de handen vallen van de salafisten? Nee, ik ben geen afro-pessimist, ik ben ervan overtuigd als machten en middelen samenwerken oplossingen mogelijk zijn. Misschien ben ik afro-naïef?

En ik, ik blijf zo’n beetje langs de kant zitten en kijk ernaar. Er staat toch enig aantal reizen geboekt tijdens het hoogseizoen. We komen het jaar wel door en of dat dan met een daling zal zijn ten opzichte van het vorige seizoen zal ik pas tegen het einde kunnen opmaken.
En daar, op mijn bankje langs de kant, kijkend, denk ik: zelfs nu ik alleen ben, keer ik niet terug. Dit is totnogtoe mijn grond. En als het laatste seizoen van het reisbureau geteld is, dan komt er weer iets anders op mijn pad, maar wel mijn Afrikaanse pad.

donderdag 30 september 2010

panta rhei


Ik kan niet verder bloggen als ik niet alles vertel, dan vertel ik maar een fraktie en lijkt het of ik niets te vertellen heb. Het mag lijken waar het op lijkt, maar ik heb er weinig aan, aan een halfslachtige blog. Het moet ergens alles of niets zijn, je gaat ervoor of je doet het niet. Ergens vanuit een afkeer van het halfslachtige. Ergens vanuit een drang naar perfectionisme dat toch niet bestaat. Ergens vanuit een kleine meisjes mentaliteit: kijk eens hoe goed ik dat doe, bloggen …

Van en ik wonen niet meer samen sinds december, ja dat is bijna een jaar. Het heeft weinig te maken met cultuurverschillen maar alles met iets waarover ik het zal hebben hetzij verder in dit stukje, hetzij over een jaar, afhankelijk van mijn moed of mijn ‘oordeel’ of het nu gepast is of niet. Dus ik wil een blog creëren die ‘gepast’ is?

Ik wil verder gaan met de blog en daarom moet het gezegd zijn. Tot op heden heb ik er niets over geschreven - zie de grote afwezige in de luttele stukjes van de afgelopen maanden - omdat ik me er voor schaamde misschien, omdat ik het niet kon aanvaarden of geloven en zolang het niet zwart op wit staat geschreven is er nog verandering mogelijk. Maar verandering kan zich altijd aandienen. Ik ben een ‘panta rhei’-adept. En kijk, zo staat het nu dus met het schaamte en aanvaardings-perikel. Het staat er.

Ik wil verder met de blog ook omdat er veel beweegt. Sinds december ‘doe’ ik nagenoeg alleen de zaak en voer de ene reorganisatie in na de andere wat een hoogtepunt bereikte sinds ik met de kinderen verhuisde naar Faso Kanu, waar we in alle rust wonen samen met Aoua, ons eerste kindermeisje waar met name N’Yélé – Samba en Sira volgen met rasse schred – helemaal dol op is. Na al die jaren (bijna 5) zijn privé en zaak gescheiden, ZUCHT, ik ga nu ’s avonds naar huis en eet rustig met de kinderen en Aoua en ga dan naar bed. Ik kick af van mijn werkverslaving in mijn eigen kamer! N’Yélé heeft er nu ook een en de twee kleinsten liggen samen. Van allemaal samen in één slaapkamer (als enige privé-vertrek) naar een huis met een ruime koer aan een beekje, het is een leven dat heel ver staat van wat er voordien aan de hand was.

Er moeten nog veel knopen doorgehakt worden. Stapje per stapje is het motto van het moment.

Ps: Samba nam de foto tijdens het feest aan het einde van de ramadan.

vrijdag 25 juni 2010

stand van zaken betreffende het personeel



Malick is weg.
Ik hoorde dat er ruzie was buiten op de trap, met Lassine. Ik vroeg aan Oscar wat het probleem was. Het ging om bonen. Voorheen zou ik zijn tussengekomen maar dat doe ik nu niet meer. Het zijn mijn zaken niet: een stom bord bonen. Malick is nadien met me komen praten maar ik zei dat ik er niets mee te maken had en me niet moei met hun bonen. Hij vond het onterecht van me en wou niet meer blijven. Ik had gemerkt dat het een idee was dat al langer in zijn hoofd speelde, nu had hij een gelegenheid.

Sitan is ondertussen ook weg. Dat is een heel ander verhaal. Sinds onze gezamenlijke reis naar België, nu alweer 2 jaar geleden, ging het niet meer. Zelfs zonder de reis zou het niet goed zijn afgelopen. Wat is eigenlijk het nut om iemand van hier mee naar België te nemen? Het (naïeve?) idee was: ervaring op doen, een idee opdoen van de standaard waaraan onze klanten gewoon zijn en gewoon een ander continent ontdekken. Maar ik schreef het al: Afrikanen zijn geen reizigers, de plaats waar men het best vertoeft, is onder zijn eigen mangoboom genietend van een glaasje thee. Het zal weerom met middelen te maken hebben, maar ook met ingesteldheid. Wat willen wij, Europeanen, graag ontdekken en vervolgens analyseren en trachten te begrijpen om dan niet zelden te kunnen controleren (en vervolgens manipuleren…). Nu ja, hierin ben ik opgegroeid en ik hou ervan te ontdekken. Sitan is opgegroeid in Afrika en heeft die drang niet of minder meegekregen. Ik keek er naar uit om het met haar over haar ervaring in België te hebben, maar egocentrisch van me om te denken dat Sitan dat ook zou willen. Het werkte niet en ook het werk vlotte niet meer. Ik kon haar uiteindelijk niet meer verdragen en begreep niet waarom ze wou blijven. Ik heb verre van correct gehandeld. Ze was zwanger en is voor de bevalling teruggekeerd naar Sikasso, ze heeft haar dochtertje verloren en ik heb haar gezegd dat ze niet meer hoefde terug te keren.

Mama Kanté (zie foto) kwam in de plaats. Ik was aanvankelijk aangenaam verblind door hoe ze met de kinderen omging, zeker met Sira. Ruim een half jaar verder zijn de zaken weer zo klaar als een klontje. Ze slaagt er niet altijd in op tijd te komen en voor het verzorgen van het ontbijt ’s morgens is dat noodzakelijk. Ze is niet correct met geldzaken en blijft op haar eigen manier handelen ook als ik vraag om het anders te doen. Ze is zwanger. Zal ze blijven? Het ziet er niet naar uit.

Maar er zijn ook nog Emanuel, onze nachtwaker die het prima doet, op tijd komt en aangenaam omgaat met de slapers hier, en er zijn Mohammed en Oscar die een rots in de branding werden.
En nu Malick weg is, is er Dramane. Twee weken al. Ik loop steeds nogal hard van stapel in het begin, dus het ziet er opperbest uit.

woensdag 9 juni 2010

een school voor N'Yélé

N’Yélé gaat sinds 2 jaar naar de Engelstalige Bamako International Acadamy (BIA), een school met prachtige ideeën maar een mismanagement van jewelste. Op de hele school zitten momenteel nog een 5-tal leerlingen. Een alternatief moet gezocht worden. De school werd eind vorig schooljaar overgenomen door de Nigeriaanse Mr Wilson, wiens vrouw toen les gaf op BIA maar na een aanbod van de Amerikaanse school opnieuw daar is gaan werken. Mr Wilson stond er alleen voor en Mr Wilson bleek onbekwaam, met name op financieel én op communicatief vlak. Maar laat ons dit zo vlug mogelijk vergeten en de blik op de toekomst richten.

Vorige week trad bij BIA Nicole in dienst, een Amerikaanse vrouw van Aziatische afkomst, en plots begon er van alles te veranderen: een programma voor Summerschool werd opgezet en nog een hele reeks maatregelen om het management van de school te bevorderen. Ze ging zo professioneel te werk dat ze op staande voet werd ontslagen.
Maar gelukkig had ik haar al ontmoet en ik moet eerlijk zeggen dat ik verblind was door haar efficiëntie en gedrevenheid. Twee maandagavonden organiseerden zij en ik hier thuis een samenkomst met ouders, met de bedoeling een educatief project op te starten gebaseerd op een parent board en het Calvert homeschooling system. Er is vooralsnog te weinig interesse.

Het is weliswaar een zorg: waar zal N’Yélé volgend jaar naar school gaan. Samba laten we vooralsnog in het Frans verder gaan zolang er geen zekerheid is. Nicole organiseert in juli nu zelf een Summer Playschool met allerlei leuke activiteiten. Misschien groeit daar verder iets uit?