donderdag 19 april 2012

prioriteiten

De kinderen volgen terug les en dat is goed nieuws. Ze gaan naar een school die gelieerd is aan de internationale Franse school en volgen dezelfde instructies. Beide etablissementen zijn opnieuw gestart maar met een serieus gedecimeerd aantal leerlingen. Velen zullen het schooljaar in Europa afmaken. Ik heb gewoon een zorg minder.

Wat blijft dan nog over: de politieke situatie in Mali. We hebben sinds gisteren een nieuwe eerste minister, Cheick Modibo Diarra, de eerste en enige Malinese (en West-Afrikaanse?) astronaut, heeft meer in de Verenigde Staten geleefd dan in Mali, directeur van Microsoft Afrika en slechts sinds een jaar deelnemer aan het politieke leven. Hij heeft de eigenlijke macht in handen en de eenheid van Mali bewaren (dus het probleem in het noorden oplossen) en transparante verkiezingen organiseren binnen een afzienbare termijn horen zijn prioriteiten te zijn. Bij de bevolking heerst een afwachtende houding.
Bedenkelijker is het nieuws dat de nacht voordien weer enkele hoge politici uit de nabije omgeving van de oud-president ATT werden opgepakt door de militairen, waar uit blijkt dat deze putchisten nog heel wat in pap te brokken hebben. Een reden voor deze arrestaties werd vooralsnog niet bekend gemaakt maar de internationale gemeenschap en de interim-president zijn er niet blij mee. En dan heb ik nog niets gezegd over het noorden. Wie weet eigenlijk nog wat daar exact aan het gebeuren is of welke stad in handen is van wie momenteel? Overal leest en hoort men over een humanitaire ramp.
In mijn persoonlijke leven wordt dit alles overstegen door de vraag hoe het nu verder moet. Tijd voor plannen en persoonlijke prioriteiten. Ik werd benaderd door een rijke Malinees die samen een project wil opstarten, ik contacteer Belgische kranten en tijdschriften om mijn schrijfsels te publiceren en ik heb straks een afspraak met een interim-kantoor van een Française hier in Bamako.

En misschien volgt er deze week nog een doorslaggevende vergadering betreffende de scheiding. Maar nu ben ik wel heel voorbarig.

donderdag 12 april 2012

madness and decadence in Bamako

En om enig idee te hebben wat ik zoal doe in mijn vrije tijd:

http://www.djennedjenno.blogspot.com    ga naar: April 11

woensdag 11 april 2012

en verder

En toen werd het een hel in het noorden. De MNLA (zie vorig) nam in één weekend de helft van het land in en proclameerde de onafhankelijkheid van de Azawad. De MNLA zijn seculiere Toeareg-rebellen en eigenlijk ook maar een klein percentage van de bevolking in het noorden. Toen kwam Ansar Dine, andere rebellen die niets geven om de onafhankelijkheid maar de sharia in heel Mali willen invoeren, gesteund door AQMI, Al Quaeda in de Magreb. Vandaag las ik dat er weer een andere beweging was opgericht in het noorden, ik ben de tel kwijt geraakt maar lees dat ze met elkaar niet overweg kunnen. Laat het ons hopen.

Een katastroof in het noorden dus.  Abou, onze dierbare plaatselijke gids, vertelde hoe de straten leeg zijn in Timboektoe. Geen markten, geen winkels, geen benzine en veel vernield. De meeste vrouwen en kinderen gevlucht en zij die overbleven bedekt. De sharia heerst er maar ook de onzekerheid, de onduidelijkheid, de angst. In Gao spreekt met van schendingen van de mensenrechten terwijl we in Bamako gebukt gingen onder het embargo van de CEDEAO. Gebukt is een groot woord want net zoals ik vorige keer schreef, bleef het dagelijkse leven voornamelijk zijn gewone gang gaan. Maar de spanning liep op. Alle westerlingen werd aangeraden het land te verlaten en wat doe je dan als je dagelijks verschillende mensen over de vloer of aan de lijn krijgt om afscheid te nemen? Wat me vooral bijblijft van vorige week is hoe besmettelijk paniek is. Hoewel ik me sinds het begin van de staatsgreep op geen enkel moment onveilig heb gevoeld, dat wil ik toch blijven benadrukken, is het de angst van anderen die me op sommige momenten heel zenuwachtig maakte. Gaan of blijven? Neem ik de verantwoordelijkheid om te blijven met 3 kleine kinderen? Maar ik voel niet dat de tijd gekomen is om te gaan. Mijn weerstand om te gaan is eerder in geen woorden te bevatten. Enkelen trachtten me te overhalen en kregen een minder aangename, zeg maar afsnauwende kant van mezelf te zien.
En dan, na twee weken slechts nieuws van her en der in het land, kregen we eind vorige week hoop. De junta ging officieel akkoord om de macht over te dragen en onmiddellijk werd het embargo ingetrokken. Er moet nog véél gebeuren, laat dat duidelijk zijn, maar laat het ook het begin van het einde zijn of beter het begin van het begin. Er is hoop. Er wordt een transitie ingesteld, een eerste minister zal de leiding nemen over het land tot en met de verkiezingen en moge het gepalaver over de keuze van die persoon kort en bondig zijn. Malinezen die met politiek begaan zijn hopen dat deze gebeurtenissen zullen leiden tot een breuk met de oude politieke familie, beginnen met een schone en vooral minder corrupte lei. Eens Bamako iets of wat functioneert, moet het noorden aangepakt worden en dat beter morgenvroeg dan volgende week. En dan verkiezingen. Maar ja, we durven hopen.
Maar we zijn ook realistisch. Geen toerisme voor een tijd. De paasvakantie van de kinderen was 2 weken naar voor geschoven omwille van de onzekere toestand. Ik wacht met grote nieuwsgierigheid of de school weer opent volgende week. Als dat het geval is – waar ik ten zeerste naar uitkijk – dan wordt het echt tijd voor mij om een plan op te stellen.

donderdag 29 maart 2012

coup

Ik heb me voorgenomen meer structureel te werk te gaan dus wanneer de kinderen Nederlandse school hebben op maandag- en woensdagnamiddag, instaleer ik me op het terras van een nabijgelegen aangenaam hotel met zicht op de Niger en schrijf. Zo ook vorige woensdag. De Nederlandse school had pas gemeld dat er geen lessen zouden zijn die namiddag wegens onrusten in Kati, een garnizoensstad 15 km buiten Bamako. Ik had me weerom geërgerd aan die overdreven reactie. Na een uurtje kreeg ik een sms van Aoua die thuis was met de kinderen: Ann, er zijn schoten gehoord in de stad. Ik belde haar en ze had de schoten zelf gehoord. We wonen op linkeroever vlak aan de rivier en nagenoeg net aan de overkant ligt het centrum van de stad met het ORTM gebouw, de nationale televisie en radio. Ik ben naar huis gegaan en heb ze zelf gehoord, de schoten, gedurende twee dagen en twee nachten.

Het klinkt erger als je het zelf niet meemaakt. Ik heb me op geen enkel moment onveilig gevoeld. Wat begon als een muiterij in het leger mondde uit in een staatsgreep door ontevreden militairen. Ze komen in opstand tegen het onkundige beheer van ATT, Amadou Toumani Touré, tot dat moment de president van Mali. Zijn ambtstermijn liep op zijn einde, 29 april zou de eerste ronde van de presidentiële verkiezingen plaats vinden. Maar dat was niet zeker omwille van de problemen in het noorden. Dat is de prioriteit van de junta, een oplossing vinden voor het probleem in het noorden met de Toeareg-rebellen waarbij de eenheid van Mali bewaren voorop staat. Deze coup is ook een opstand tegen de grootschalige corruptie binnen de overheid en de legertop, en tegen de erbarmelijke toestand van de gezondheidszorg en het onderwijs.

Er moest iets gebeuren maar met een staatsgreep? Wie zal het zeggen. Woensdag werd aangemaand binnen te blijven en een avondklok werd ingesteld van 18 tot 6 uur. De scholen werden gesloten. We hoorden die eerste dagen vele schoten, bij ons in de buurt voornamelijk in de lucht maar bij het presidentiële paleis en aan een andere kazerne werd danig gevochten. Er werden winkels geplunderd en voornamelijk 4x4’s gestolen. Bandieten maakten misbruik van de situatie en stalen mee. Maar bijzonder is dat er verder geen burger werd geraakt. De doorsnee bevolking is tevreden; ATT werd al lange tijd sterk bekritiseerd en kapitein Sanogo, de leider van de junta, had de moed er iets aan te doen. Ik ging die woensdagavond met de kinderen een hoofdstraat die vlak bij ons huis loopt inspecteren – Samba wou soldaten zien en we zagen hoe voorbijrijdende en in de lucht schietende soldaten met applaus en vreugdevolle kreten aangemoedigd werden in een verder uitzonderlijk kalme hoofdstad.

Vanaf het weekend kreeg het dagelijkse leven stilaan zijn normale vorm terug. Maandag ben ik zelf naar de andere kant van de stad gereden en zag dat het ok was. Dinsdag gingen de banken en overheidsdiensten weer open en vandaag, woensdag, mochten de kinderen weer naar school. Er heerst rust in de stad of beter schijnrust. Want waar staan we nu? De hele internationale gemeenschap is tegen. De Malinese politieke klasse is tegen, de juridische wereld is tegen. En het volk is voor.

Malinezen zijn goedhartig en vredevol en ik durf nog steeds hopen dat ook op deze manier dit probleem zal opgelost worden. Het laatste wat we hier nodig hebben is oorlog. Maar het eerste dat het muitende leger in beslag nam was de nationale tv en radio en hun nieuwsberichten ruiken naar mijn gevoel net iets te propagandistisch. De junta beweert dat ze niet uit zijn op macht, maar iets willen doen aan de problemen bovenaan vermeld en dan verkiezingen willen organiseren waar ze zelf niet aan zullen deelnemen. Zeggen ze.

A
an de hoeveelste doodssteek voor het Malinese toerisme zitten we nu? Ik stel mijn cv op en zoek werk. In Bamako voor de duidelijkheid want terugkeren doe ik vooralsnog niet. Alle tips zijn welkom.

maandag 5 maart 2012

breek de cyclus


Weerom een stuk dat ik enkele maanden geleden schreef en alsnog post, later meer over de actuele gang van zaken:

Er is veel te zeggen over de situatie van de vrouw in Mali. Ze dragen de hele maatschappij, zijn veelal besneden en gearrangeerd gehuwd met mannen die zich superieur wanen - een idee dat vrouwen mee helpen in stand houden.

Ik repliceer graag dat achter de sluier van onderdanigheid behoorlijk zelfbewuste dames schuilen die hun zaakjes mooi regelen. Het is ergens waar, maar dan lees ik de studie van de Zweedse Asa en Sophie die hier logeerden, en begrijp ik dat er pogingen bestaan om de situatie van de vrouw in kaart te brengen, haar rechten, haar rol in de maatschappij en mogelijkheden tot ondernemen en bezit en deze zelfs te meten. Resultaat is dat - het kan me niet verbazen - Mali ergens onderaan bengelt.

Er zijn vrouwen die de weg naar emancipatie durven nemen en er zijn reactionaire vrouwen die deugdzaamheid en onderdanigheid als het hoogste goed doorgeven aan hun dochters. Ik maak het mee met onze dierbare Aoua. Sinds anderhalf jaar woont ze bij ons in. De kinderen zijn dol op haar en omgekeerd. Ik apprecieer haar enorm en we hebben interessante gesprekken.

We hadden het ooit over het vermogen tot lijden. Een vrouw die veel geleden heeft is een goede vrouw hier, dat wist ik al. Als je als moeder veel geleden hebt, zullen je kinderen het goed hebben. Een moeder raadt haar dochter in een vreselijk huwelijk aan: "Verdraag het, mijn kind, het is je man." Aoua vindt de woorden van mijn moeder van enkele jaren geleden - ze refereerde ook aan mijn huwelijkse situatie - ondenkbaar: "Ann, dit ga je de rest van je leven toch niet verdragen?"
Met trots zegt Aoua dat het religie is die deze overtuiging in stand houdt. Ze is diepgelovig en tegelijkertijd heel intelligent. Het paradijs dat haar te wachten staat in het hiernamaals zalft de wonden op aarde. Ik leg haar uit dat je zo de cyclus der lijden in stand houdt. Haar overgrootmoeder heeft het haar grootmoeder voorgedaan en zij zal het haar dochter leren.

Men heeft me hier dikwijls aangespoord om vol te houden, omwille van de kinderen bijvoorbeeld. Ik antwoordde dat ik er omwille van de kinderen uitstap. Ik toon mijn dochters niet het voorbeeld van een lijdende moeder. Ik breek de cyclus.

maandag 6 februari 2012

troebel

Zo zag de lucht eruit vandaag. Hij past best bij de troebele tijden van tegenwoordig in Mali. Net zoals de extreme vriestemperaturen in Europa beleven wij hier momenteel ook een heel fris koud seizoen, dat afgesloten wordt door de harmattan die vandaag welig tierde. Een koude noordenwind die de lucht vol stof blaast en ons doet verlangen naar de zon die we voor een enkele dag al heel hard missen. De hoogste temperatuur zal niet veel meer dan 25° C geweest zijn, maar zo zonder zon heb ik me de hele dag verkleumd gevoeld.


Er is echter meer aan de hand dan een dagje Bamako zonder zweetdruppels. Er heerst sociale onrust, ik durf zelfs zeggen raciaal geweld en dat is akelig. Ik voel me nog steeds niet onveilig in Bamako en zou nog steeds zelf naar Dogonland reizen, maar de spanning loopt op. De tot de tand gewapende Toeareg die na de val van Khadaffi terugkeerden naar hun thuisland hebben hun rebellie nieuw leven ingeblazen. Vorig jaar in juni werd de MNLA opgericht, le Mouvement National pour la Libération de l’Azawad. Hun opzet is het noorden van het land bevrijden van de Malinese bezetting. Verschillende steden zijn al aangevallen, doden vielen bij de rebellen alsook bij het Malinese leger. Een juist aantal blijft moeilijk te achterhalen. Vrouwen van omgekomen en andere militairen kwamen in Bamako en omstreken de straat op om te protesteren tegen de regering die te weinig onderneemt en plots worden Toeareg in Bamako agressief aangepakt, omdat ze Toeareg zijn … dat is dus akelig. Alle ‘teints clairs’ ontvluchten nu massaal het land naar - zoals ik deze morgen hoorde op RFI - vluchtelingenkampen in de buurlanden. Hebben we het nog steeds over dat democratische Mali, met een enorme diversiteit aan etnische volkeren die vredevol naast elkaar leven?

De school was eind vorige week twee dagen gesloten omwille van de betogingen en wat dit alles met het reisadvies doet, dat spreekt voor zich. Onzekere tijden zijn het. Wij hebben nog steeds volk in de B&B maar hoe evolueert deze situatie? Wat ik voor mezelf desondanks ook voel in deze onzekerheid die escaleert, is vrijheid. Als weinig zeker is, is heel veel mogelijk. En dat is geen onprettig gevoel.

Gisteren, na bloedstollende strafschoppen, kwalificeerden wij ons voor de halve finale in de Coupe d’Afrique des Nations (CAN). Moge de voetbal Mali redden.

maandag 16 januari 2012

2012!


En toen brachten we kerst door in Djenné.
Na een tocht van 8 uur.
En namen foto's naast Max die ons met de kar naar de stad trok. En op de lemen trap die naar het dak leidt met het prachtige zicht op de moskee.
En we zagen Papa Noël, kan me het jaar niet meer herinneren dat hij nog eens cadeautjes meebracht.
En we deden eigenlijk verder gewoon niets.
Tekenen, spelen, wandelen, bijkletsen met vriendinnen.
Oh ja en lekker eten.
En toen reden weer 8 uur terug. In een rustig en vreedzaam landschap.
Droog en leeg.
We kwamen amper toeristen tegen.
En we werden niet gekidnapt.

Moge 2012 ontploffen.
En dan rust en vrede wederkeren.